-A +A

Knevelarij

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

Knevelarij is een ambtsmisdrijf of ambtenaren misdrijf, bestaande uit het afpersen van geld, belastingen, interesten door iemand die daartoe misbruik maakt van zijn positie als openbaar ambtenaar, wetende dat ze niet verschuldigd zijn. 

Uittreksel uit het strafwetboek:

TITEL IV. - MISDADEN EN WANBEDRIJVEN TEGEN DE OPENBARE ORDE, GEPLEEGD DOOR AMBTENAREN IN DE UITOEFENING VAN HUN AMBT OF DOOR BEDIENAREN DER EREDIENSTEN IN DE UITOEFENING VAN HUN BEDIENING.
HOOFDSTUK III. - VERDUISTERING EN KNEVELARIJ DOOR OPENBARE AMBTENAREN GEPLEEGD.

Art. 240.  Met opsluiting wordt gestraft ieder openbaar officier of ambtenaar, ieder met een openbare dienst belast persoon, die openbare of private gelden, geldswaardige papieren, stukken, effecten, akten, roerende zaken verduistert, welke hij uit kracht of uit hoofde van zijn bediening onder zich heeft.
Indien het verduisterde de gestelde zekerheid niet te boven gaat, wordt de schuldige gestraft met gevangenisstraf van een maand tot zes maanden.

Art. 241.  Met opsluiting worden gestraft alle openbare officieren of ambtenaren en alle met een openbare dienst belaste personen die akten of titels waarvan zij in die hoedanigheid de bewaarders zijn, of welke hun uit hoofde van hun bediening zijn meegedeeld, kwaadwillig of bedrieglijk vernietigen of wegmaken.

Art. 242. Wanneer stukken of procesakten in strafzaken, ofwel andere papieren, registers, akten of voorwerpen die in archieven, griffies of openbare bewaarplaatsen berusten, of die aan een openbaar bewaarder in die hoedanigheid zijn toevertrouwd, worden ontvreemd of vernietigd, wordt de nalatige bewaarder gestraft met gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden.

Art. 243. Alle openbare officieren of ambtenaren en alle met een openbare dienst belaste personen, die zich schuldig maken aan knevelarij, door bevel te geven om rechten, taksen, belastingen, gelden, inkomsten of interesten, lonen of wedden te innen, of door die te vorderen of te ontvangen, wetende dat zij niet verschuldigd zijn of het verschuldigde te boven gaan, worden gestraft met gevangenisstraf van zes maanden tot vijf jaar, en zij kunnen bovendien worden veroordeeld tot ontzetting van het recht om openbare ambten, bedieningen of betrekkingen te vervullen.

De straf is opsluiting, indien de knevelarij met behulp van geweld of van bedreiging wordt gepleegd.

Art. 244. De in dit hoofdstuk omschreven misdrijven worden bovendien gestraft met geldboete van vijftig frank tot duizend frank.
Die straffen worden, naar de hierboven gemaakte onderscheidingen, toegepast op de aangestelden of klerken van de openbare officieren of ambtenaren en van alle met een openbare dienst belaste personen.

BIJZONDERE BEPALING.

Art. 245. Ieder openbaar officier of ambtenaar, ieder met een openbare dienst belast persoon, die, hetzij rechtstreeks, hetzij door tussenpersonen of door schijnhandelingen, enig belang, welk het ook zij, neemt of aanvaardt in de verrichtingen, aanbestedingen, aannemingen of werken in regie waarover hij ten tijde van de handeling geheel of ten dele het beheer of het toezicht had, of die, belast met de ordonnancering van de betaling of de vereffening van een zaak, daarin enig belang neemt, wordt gestraft met gevangenisstraf van drie maanden tot twee jaar en met geldboete van vijftig frank tot drieduizend frank, en hij kan bovendien, overeenkomstig artikel 33, worden veroordeeld tot ontzetting van het recht om openbare ambten, bedieningen of betrekkingen te vervullen.

De voorafgaande bepaling is niet toepasselijk op hem die in de gegeven omstandigheden zijn private belangen door zijn betrekking niet kon bevorderen en openlijk heeft gehandeld.

HOOFDSTUK IV. - OMKOPING VAN OPENBARE AMBTENAREN.

Art. 246. Ieder openbaar officier of ambtenaar, ieder met een openbare dienst belast persoon, die een aanbod of belofte aanneemt, die een gift of geschenk ontvangt om een zelfs rechtmatige maar niet aan betaling onderworpen handeling van zijn ambt of van zijn bediening te verrichten, wordt gestraft met gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden en met geldboete van zesentwintig frank tot vijfhonderd frank.

Hij wordt gestraft met gevangenisstraf van een maand tot een jaar en met geldboete van vijftig frank tot duizend frank, indien hij een aanbod of belofte aanneemt, of een gift of geschenk ontvangt, hetzij om in de uitoefening van zijn ambt of van zijn bediening een onrechtmatige handeling te verrichten, hetzij om zich te onthouden van een handeling die tot zijn ambtsplichten behoort; hij kan bovendien, overeenkomstig artikel 33, worden veroordeeld tot ontzetting van het recht om openbare ambten, bedieningen of betrekkingen te vervullen.

Art. 247. Ieder openbaar officier of ambtenaar, ieder met een openbare dienst belast persoon, die, ten gevolge van een aangenomen aanbod of belofte, een ontvangen gift of geschenk, in de uitoefening van zijn bediening, een onrechtmatige handeling verricht of zich onthoudt van een handeling die tot zijn ambtsplichten behoort, wordt gestraft met gevangenisstraf van drie maanden tot drie jaar en met geldboete van honderd frank tot drieduizend frank. Hij kan bovendien worden veroordeeld tot ontzetting van rechten, overeenkomstig artikel 33.

Art. 248. De schuldige wordt veroordeeld tot gevangenisstraf van een jaar tot vijf jaar, tot geldboete van tweehonderd frank tot vijfduizend frank en, overeenkomstig artikel 33, tot ontzetting van rechten, indien hij een aanbod of beloften aanneemt, een gift of geschenk ontvangt om in de uitoefening van zijn bediening een misdaad of een wanbedrijf te plegen.

Art. 249.  (De rechter, de rechter-assessor of de scheidsrechter), die zich laten omkopen, worden gestraft, de eerste met dwangarbeid van tien jaar tot vijftien jaar, de twee anderen met gevangenisstraf van een jaar tot vijf jaar en met ontzetting van rechten overeenkomstig artikel 33. <W 10-10-1967, art. 139, § 3>

Art. 250.  De gezworene die zich laat omkopen, wordt gestraft met opsluiting.

Art. 251. Indien (de rechter, de rechter-assessor, de scheidsrechter) of de gezworene, die zich laat omkopen, geld, enige beloning of een belofte heeft aangenomen, wordt hij veroordeeld niet alleen tot de hierboven bepaalde straffen, maar bovendien tot geldboete van tweehonderd frank tot vijfduizend frank. <W 10-10-1967, art. 139, § 3>

Art. 252. Zij die een ambtenaar, een openbaar officier, een met een openbare dienst belast persoon, een gezworene, een scheidsrechter of een (rechter-assessor) door geweld of bedreiging dwingen of door een belofte, aanbod, gift of geschenk omkopen om een zelfs rechtmatige maar niet aan betaling onderworpen handeling van zijn ambt of van zijn bediening te verrichten, ofwel om zich te onthouden van een handeling die tot zijn ambtsplichten behoort, worden gestraft met dezelfde straffen als de ambtenaar, officier, gezworene, scheidsrechter of (rechter-assessor) die, zich laat omkopen. <W 10-10-1967, art. 139, § 3>

Poging tot dwang of tot omkoping wordt gestraft met gevangenisstraf van acht dagen tot een jaar en met geldboete van zesentwintig frank tot vijfhonderd frank.

Art. 253. Het door de omkoper gegevene, of de waarde daarvan, wordt hem nooit teruggegeven; het wordt verbeurd verklaard en ter beschikking gesteld van de gemeente waar het misdrijf is gepleegd, onder verplichting om het aan de godshuizen of aan het bureel van weldadigheid al naar de behoeften van die instellingen te overhandigen.

Franse term: 
concussion
Rechtsleer: 

• DELBROUCK, I., Knevelarij
In: X., Postal Memorialis. Lexicon strafrecht, strafvordering en bijzondere wetten, K60/01 - K60/6 (7 p.) - april 2010

• DAUGINET, V., Knevelarij, AFT 1992, 3-16.

• VAN HEUVEN, D., VAN VOLSEM, F., Knevelarij
Bijdragen in boek - In: X., Strafrecht en strafvordering. Artikelsgewijze commentaar met overzicht van rechtspraak en rechtsleer, 1-40 (40 p.) - september 2004

• LEMMENS, J., DE WOLF, J., Fraude Codex
Rechtsleer - (Geannoteerde) wetboeken en wetgevingsverzamelingen - 2011

• VANDENBERGHE, L., De verantwoordelijkheid van het fiscale bestuur In: X., Verantwoordelijkheid en recht, 465-479

• DELBROUCK, I., Concussion
Bijdragen in boek - In: X., Postal Mémorialis. Lexique du droit pénal et des lois spéciales, C 300 / 01 – C 300 / 6

• GRISART-BOVERIE, M., Concussion, extorsion, ingérence, JLMB 1993, 677-679

• VAN DE WOESTEYNE, I., Terugbetaling van verduisterde sommen inherent aan de beroepsactiviteit [in functie van curator], TFR 2010, afl. 388, 798-800

• HUYBRECHTS, L., Ontrouw in het beheer (en andere misdrijven) van de faillissementscurator, Panopticon 1993, 208-221
 

 

Rechtspraak: 

• Cass. (2e k.) AR P.97.0510.N, 14 december 1999 (Vande Casteele / Clauwers), Arr.Cass. 1999, 1610; Bull. 1999, 1679.

Knevelarij vereist dat de openbare officier of ambtenaar wist dat de rechten, taksen, belastingen, gelden, inkomsten of interesten, lonen of wedden, die hij bevel geeft te innen, niet verschuldigd zijn of het verschuldigde te boven gaan; deze wetenschap wordt door de rechter in feite vastgesteld, en de omstandigheid dat een inkohiering van directe belasting achteraf wegens schending van art. 346, lid 1 W.I.B. 1992, werd vernietigd hoeft op zich niet het vermoeden op te leveren dat de dader dergelijke wetenschap had (art. 243 Sw.).

• Cass. (2e k.) AR P.98.0266.N, 14 september 1999 (Bergen / Groenen) Arr.Cass. 1999, 1102; Bull. 1999, 1146; FJF 1999, 778

Maakt zich niet schuldig aan knevelarij de openbare officier, ambtenaar of met een openbare dienst belaste persoon die het door hem ontvangen loon, dat het wettelijk tarief te boven gaat, niet als wettelijk verschuldigd heeft voorgesteld en als degene die dat loon betaalt ook niet in de waan verkeert dat het wettelijk verschuldigd is (art. 243 Sw.).

• Brussel 17 april 1987, J.L. 1987, 644, noot; Waarvan Akte 1995, 149, noot LANNOY, T.. Het misdrijf van knevelarij vereist niet dat er sommen worden geind ten nadele van de Schatkist, doch dat de sommen worden geind alsof zij volgens de wet verschuldigd zijn.

Het materieel voordeel van een privé-reis naar het buitenland op kosten van derden voor een rechter-commissaris, die geenszins openbaar verricht werd, wordt gestraft door art. 245 Sw.

De curator is een persoon met een openbare dienst belast in de zin van art. 240 Sw. Het misdrijf van verduistering is voltooid, zelfs indien de sommen later terug ingebracht worden in de massa.

De curator die voorschotten of ereloon neemt zonder controle van de rechter-commissaris of taxatie door de rechtbank, onvolledige inlichtingen verschaft n.a.v. de taxatie, pleegt bankbreuk daar hij zich schuldig maakt aan ontrouw in zijn beheer (art. 490, lid 5 Sw.).

• Antwerpen 14 maart 1985, RW 1985-86, 253, noot SPRIET, B..

Daar het viseren van koopmansboeken en het inschrijven in het handelsregister niet tot de bevoegdheid van een griffiebode behoren, kunnen deze handelingen in zijn hoofde geen basis vormen voor een veroordeling wegens omkoping van ambtenaren, gezien dit misdrijf vereist dat de ambtenaar bevoegd was die handelingen te stellen.

Gerelateerd
0
Uw beoordeling Geen
Aangemaakt op: zo, 28/06/2015 - 09:47
Laatst aangepast op: zo, 28/06/2015 - 11:53

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.