-A +A

Dagvaarding formalisme

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

(wet van 19 oktober 2015 houdende wijzigingen van het burgerlijk procesrecht en houdende diverse bepalingen inzake justitie, BS 22 oktober 2015) - Wijzigingen in het Gerechtelijk Wetboek .

Het nieuwe artikel 702 Gerechtelijk Wetboek luidt:

"Art. 702.Behalve de vermeldingen bepaald in artikel 43, bevat het exploot van dagvaarding, op straffe van nietigheid, de volgende opgaven :

1° de naam, de voornaam en de woonplaats van de eiser;

2° de naam, de voornaam en de woonplaats of, bij gebreke van een woonplaats, de verblijfplaats van de gedaagde;

3° het voorwerp en de korte samenvatting van de middelen van de vordering;

4° de rechter voor wie de vordering aanhangig wordt gemaakt;

5° de plaats, de dag en het uur van de terechtzitting."

Van oudsher bepaalt artikel 702 de vermeldingen die noodzakelijk zijn in het exploot van dagvaarding.

Het derde punt van artikel 702, inhoudende de derde verplichte vermelding, werd vroeger geformuleerd als: “het onderwerp en de korte samenvatting van de middelen van de vordering”.

Het woord “onderwerp” werd dus vervangen door een “voorwerp”. In feite is dit enkele esthetische aanpassing aangezien “onderwerp” laat uitschijnen dat hiermee bedoeld wordt “waar de discussie over gaat”, Toch nog werd in rechtspraak en rechtsleer "onderwerp" begrepen als “voorwerp”, waarmee bedoeld wordt de aanspraken van de eisende partij, de formele eis die hij door de rechter wil ingewilligd zien, het eigenlijke doel van het proces in hoofde van de eiser.

De middelen van de vordering zijn de redenen en elementen ter staving van het voorwerp van de vordering. Middelen van een vordering bestaan uit rechts feiten. Rechtsfeiten zijn voorvallen, daden, onthoudingen, feitelijkheden, toestanden die zo mogelijk in tijd en ruimte worden gesitueerd en waaraan onze rechtsregels rechtsgevolgen verlenen. De middelen van de vordering omvatten dus niet de rechtsgronden, ook niet naar de Potpourri I 1 wet. Het algemeen recht beginsel da mihi factum, dabo tibi ius blijft dus overeind in de Potpourri I 1 wet. In een dagvaarding dienen geen rechtsregels of artikelen van het wetboek vermeld te worden, maar enkel de feitelijke omstandigheden die rechtsgevolgen opleveren en waaruit de eisende partij in de inleidende dagvaarding een formele eis tot veroordeling laat volgen.

Dit neemt niet weg dat in een dagvaarding wel degelijk rechtsregels mogen vermeld worden, hetgeen vaker gebeurt wanneer de dagvaarding opgesteld wordt door een advocaat. Al is dit niet steeds het geval (de algemene principes van het verbintenissenrecht worden niet vermeld in een dagvaarding tot loutere betaling).

Een proces is een evolutief gegeven, gedurende het geding kunnen nieuwe eisen worden ingesteld, kunnen eisen worden uitgebreid of beperkt, kan afstand van eisen worden gedaan, kunnen oorspronkelijk ingeroepen rechtsgronden worden veranderd, vervangen of aangevuld. Maar de nieuwe vorderingen of de uitbreidingen van de vorderingen dienen wel te slaan op hetzelfde voorwerp van de vordering zoals vermeld in de inleidende dagvaarding. Er kan dus niet genoeg op gehamerd worden dat de omschrijving van het voorwerp van de vordering zo volledig en zo ruim mogelijk dient te gebeuren.

Een vordering met een onvoldoende duidelijk omschreven voorwerp, kan aanleiding geven tot de exceptio-obscuri-libelli. Deze exceptie houdt in dat de verweerder opwerpt dat hij onvoldoende kennis heeft van het voorwerp van de vordering teneinde een verweer te kunnen opbouwen. Enkel de verweerder kan deze exceptie opwerpen. Indien de rechter oordeelt dat de verweerder uit het geheel van de dagvaarding toch wel een besef heeft waar de klepel hangt (hetgeen in de meerderheid van de gevallen wel degelijk zo is) zal de exceptie worden afgewezen. Indien de exceptie wordt aanvaard zal de vordering nietig worden verklaard.
"

Rechtsleer: 

• X., Potpourri, Juristenkrant 2014, afl. 299, 14
• X., Nog meer potpourri, Juristenkrant 2015, afl. 317, 7
• VROMAN, F., De rol van het Openbaar Ministerie binnen de familiekamers in eerste aanleg en in hoger beroep na de wet van 19 oktober 2015 (Wet Potpourri I), T.Fam. 2015, afl. 10, 251-264
• X., Potpourri I in Staatsblad [Overzicht wijzigingen van burgerlijk procesrecht], Juristenkrant 2015, deel 1: afl. 316, 6; deel 2: afl. 317, 7
• SENAEVE, P., De voorlopige tenuitvoerlegging van vonnissen in materies van familierecht na de wet van 19 oktober 2015 (Wet Potpourri I), T.Fam. 2015, afl. 10, 244-250
• PONET, B., [Column] Potpourri en de praktijk, Juristenkrant 2015, afl. 319, 13
• BOULARBAH, H., VAN DROOGHENBROECK, J., Résumé rudimentaire et application dans le temps de la loi dite « Pot-pourri I », JT 2015, afl. 6621-6622, 765-766 en http://jt.larcier.be/ (16 november 2015)
• LAMON, H., De ministeriële potpourri, Juristenkrant 2015, afl. 313, 17
• PONET, B., Potpourri I en nieuwe justitie, Juristenkrant 2015, afl. 316, 17
• ERDMAN, F., Potpourri 1: vernieuwen is niet absoluut veranderen [De invordering van onbetwiste schuldvorderingen], Juristenkrant 2015, afl. 312, 12
• VAN TILBORG, K., [Bestrijding betalingsachterstand] Inning onbetwiste schulden door gerechtsdeurwaarder: preciseringen, Balans 2015, afl. 749, 1-4 en http://www.balans-bilan.be/ (4 december 2015)
• CHABOT, D., 4 Potpourriwetten. Gedroogde bloemen voor een betere justitie, Ad Rem 2015, afl. 4, 28-29
• ALLEMEERSCH, B., BATS, J., De hervorming van justitie bekeken vanuit ondernemingsperspectief, Cah.jur. 2015, afl. 3, 57-65

Gerelateerd
0
Uw beoordeling Geen
Aangemaakt op: za, 09/04/2016 - 12:51
Laatst aangepast op: do, 16/02/2017 - 19:20

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.