-A +A

Belaging de wettekst

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

De wet van 30 OKTOBER 1998. - Wet die een artikel 442bis in het strafwetboek invoegt met het oog op de strafbaarstelling van de belaging.

Opm sinds de wet van 25 maart 2016 is belaging geen klachtmisdrijf meer en kan het parket zelfs zonder klacht vervolging instellen.

Belaging is de juiste juridische term van stalking. Deze feiten worden zeer ernstig genomen en ook daadwerkelijk vervolgd.

pesten, jennen, opjagen, achtervolgen, ongevraagde brieven telefoons, geschenken, storende aanwezigheid 

 

Uittreksel uit het strafwetboek 

HOOFDSTUK IVbis. - (ingevoegd bij <W 1998-10-30/34, art. 2, Inwerkingtreding : 27-12-1998>)

BELAGING.

"Art. 442bis.(ingevoegd bij <W 1998-10-30/34, art. 2, Inwerkingtreding : 27-12-1998>) Hij die een persoon heeft belaagd terwijl hij wist of had moeten weten dat hij door zijn gedrag de rust van die bewuste persoon ernstig zou verstoren, wordt gestraft met gevangenisstraf van vijftien dagen tot twee jaar en met geldboete van vijftig [euro] tot driehonderd [euro] of met een van die straffen alleen.
[1 Ingeval de feiten bedoeld in het eerste lid worden gepleegd ten nadele van een persoon van wie de kwetsbare toestand ten gevolge van de leeftijd, zwangerschap, een ziekte dan wel een lichamelijk of geestelijk gebrek of onvolwaardigheid, duidelijk was of de dader bekend was, wordt de minimumstraf voorzien in het eerste lid verdubbeld.]1
[2 ...]2
----------
(1)<W 2011-11-26/19, art. 34, 084; Inwerkingtreding : 02-02-2012>
(2)<W 2016-03-25/07, art. 2, 116; Inwerkingtreding : 15-04-2016>

Art. 442ter.<W 2007-05-10/35, art. 37, 064; Inwerkingtreding : 09-06-2007> In de gevallen bepaald in artikel 442bis kan het minimum van de bij dit artikel bepaalde correctionele straffen worden verdubbeld, wanneer een van de drijfveren van het wanbedrijf bestaat in de haat tegen, het misprijzen van of de vijandigheid tegen een persoon wegens diens zogenaamd ras, zijn huidskleur, zijn afkomst, zijn nationale of etnische afstamming, zijn nationaliteit, zijn geslacht, zijn seksuele geaardheid, zijn burgerlijke staat, zijn geboorte, zijn leeftijd, zijn fortuin, zijn geloof of levensbeschouwing, zijn huidige of toekomstige gezondheidstoestand, een handicap, zijn taal, zijn politieke overtuiging, [1 zijn syndicale overtuiging,]1 een fysieke of genetische eigenschap of zijn sociale afkomst.
----------
(1)<W 2009-12-30/01, art. 113, 074; Inwerkingtreding : 31-12-2009> "

Belaging is geen KLACHTMISDRIJF meer. Dit betekent dat voor de vervolging van de belaging het niet noodzakelijk is dat een klacht door het slachtoffer wordt ingediend en dat zelfs wanneer een klacht door het slachtoffer werd neergelegd die later ingetrokken werd, de vervolging kan voortgezet worden.

Oude Rechtspraak (van voor 2016 toen belaging nog een klachtmisdrijf was) : Corr. Oudenaarde, 09/09/2005, RABG, 2006/12 p890.

Belaging is nu echter geen een klachtmisdrijf meer . Concreet betekent dit dat voorafgaandelijk aan de strafvervolging geen voorafgaandelijke klacht met ondubbelzinnige wilsuiting dient vooraf te gaan. Het formuleren van een klacht wegens woonstschenning waarin gesteld wordt dat de klager wenst met rust gelaten worden door de dader die volgens haar, haar leven kapot maakt is geen klacht belaging, maar desondanks kan er naast woonstschennis ook voor belaging vervolgd worden. Zelfs door het ontbreken van een ondubbelzinnige klacht wegens belaging kan vandaag de strafvordering op grond van belaging niet meer onontvankelijk verklaard worden. 

Bij de vervolging wegens een klachtmisdrijf zal het slachtoffer erop toezien dat er formeel klacht werd neergelegd.


Een klacht wegens een klachtmisdrijf bestaat hierin dat het slachtoffer aangifte doet aan de overheid, waarbij deze te kennen geeft dat hij de strafrechtelijke
vervolging van de dader van het misdrijf wenst. Dit veronderstelt dat de benadeelde in de klacht op ondubbelzinnige wijze vraagt dat een strafvervolging wordt ingesteld.

Het louter aangifte doen van feiten (vb ongewenste SMS-jes), ongewenste telefoons, dan wel het eenmalig opduiken aan de woning, kan vandaag een klacht uitmaken in de zin van artikel 442 bis Strafwetboek (zie tegenovergestelde maar door de wetswijziging achterhaalde rechtspraak: Cass. 11 maart 2008 RABG 2008/13, 799, met noot F. Van Volsem, over klachtmisdrijven, een klager moet strafvervolging willen.

Poging tot belaging is niet strafbaar.)

Mededaders en medeplichtigen aan belaging zijn eveneens strafbaar op grond van de principes van strafbare deelneming (art. 66 tot 69 van het strafwetboek).

Bij herhaling kan de belager met nog zwaardere straffen geconfronteerd worden dan deze voorzien in art. 442 bis SWB. De straf kan verdubbeld worden wanneer de belager reeds eerder definitief veroordeeld was voor een misdaad (dit betekent voor een van de zwaarste misdrijven) of reeds veroordeeld was voor een eerder wanbedrijf (minder zwaar vergrijp) wegens een feit waarvoor  minstens één jaar straf werd uitgesproken en waarbij het nieuwe feit gepleegd is alvorens 5 jaar verstreken is sinds het ondergaan of de verjaring van de straf waarvoor het eerste feit werd opgelegd.

Bemiddeling in strafzaken behoort tot de mogelijkheden bij belaging. Een dergelijke bemiddeling dient evenwel in een vroeg stadium overwogen. Zij is wettelijk gezien niet meer mogelijk eens een gerechtelijk onderzoek bij de onderzoeksrechter is opgestart.

Voorlopige hechtenis: is mogelijk en toepasbaar bij extreme vormen van belaging.

Rechtspraak:

• Antwerpen (10e k.) 28 april 2004, R.W. 2005-06, afl. 26, 1020, noot.

Samenvatting: Uit de parlementaire voorbereiding van de Wet van 30 oktober 1998 die een artikel 442 bis in het Strafwetboek invoegt met het oog op de strafbaarstelling van de belaging, kan worden afgeleid dat als belaging kunnen worden aangemerkt, het achtervolgen of bespieden van een persoon, het herhaaldelijk opwachten van iemand in de nabijheid van zijn woning, het herhaaldelijk toesturen van bloemen, het voortdurend opbellen, het veelvuldig toesturen van ongewenste liefdesbrieven. De feiten die de belaging uitmaken, moeten niet noodzakelijk op zichzelf strafbare feiten uitmaken, maar het gedrag van de dader moet wel de rust van het slachtoffer ernstig verstoren. Bovendien is als moreel bestanddeel vereist dat de dader wist of althans had moeten weten dat hij door zijn gedragingen de rust van de belaagde persoon ernstig zou verstoren.

•• Grondwettelijk hof 75/2007, 10 mei 2007

Alleen natuurlijke personen worden strafrechtelijk beschermd tegen belaging. Deze bescherming bestaat niet ten voordele van rechtspersonen. Dit onderscheid schijnt niet het gelijkheidsbeginsel wegens de objectieve verschillen die bestaan tussen een natuurlijke persoon en een rechtspersoon.

 

Gerelateerd
0
Aangemaakt op: wo, 15/07/2009 - 14:16
Laatst aangepast op: za, 11/11/2017 - 10:39

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.