-A +A

Absolute en relatieve nietigheden

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

Wat gebeurt er wanneer een overeenkomst of een rechtshandeling strijdig is met een bepaling in de wet?
Wat is een nietige overeenkomst of een nietige rechtshandeling en wat zijn haar gevolgen?
Er zijn twee soorten nietigheden: absolute en relatieve.

 

 

Absolute nietigheden:

- sanctioneert een regel van algemeen belang, de openbare orde, of de goede zeden
- de absolute nietigheid kan (in tegenstelling tot een relatieve nietigheid) niet «gedekt» worden. Inzake contracten betekent dit onder meer dat wat door de partijen vrijwillig is uitgevoerd, bij een absolute nietigheid hoe dan ook ongeldig wordt. De rechtshandeling is in dit geval dus niet vatbaar voor bevestiging.
- de nietigheid kan worden gevorderd door elke belanghebbende, ongeacht of deze partij is bij de overeenkomst, dan wel een derde;
- de absolute nietigheid dient zelfs ambtshalve door de rechter ingeroepen;


Relatieve nietigheden:

- betreffen niet de openbare orde en beschermen regels inzake private belangen;
- sanctioneren gebiedende maatregels, waarbij men de belangen van één partij beschermt
- de relatieve nietigheid kan (in tegenstelling tot een absolute) «gedekt» worden (lees bevestigd). Inzake contracten betekent dit onder meer dat wat door de partijen vrijwillig is uitgevoerd, niet ongeldig wordt. De nietigheid kan dan niet meer ingeroepen worden.
- het beginsel «in pari causa» kan inzake relatieve nietigheden worden ingeroepen: wanneer eiser en verweerder op even onfatsoenlijke wijze hebben gehandeld, kan men geen teruggave
krijgen van wat reeds werd gepresteerd.
- de nietigheid kan enkel ingeroepen worden door de persoon die beschermd wordt zelf;
- de rechter kan de relatieve nietigheid niet ambtshalve inroepen;
- verjaringstermijn 10 jaar (art. 1304 en 2223 B.W.)

Toepassingen:

- schending regels mbt bekwaamheid: relatieve nietigheid;
- wilsgebreken: relatieve nietigheid;
- overtreding van regels ter bescherming van economisch zwakkeren : relatieve nietigheid.

Het dekken van een relatieve nietigheid:

Het bevestigen van een relatief nietige rechtshandeling is een eenzijdige handeling van de beschermde persoon, zonder dat er enige wilsuiting of akkoord noodzakelijk is van de wederpartij en waardoor aan het beschermde recht wordt verzaakt.

Deze eenzijdige handeling hoeft niet bij geschrift te gebeuren, zij kan ook blijken uit de gedeeltelijke of volledige uitvoering van de relatief nietige rechtshandeling en in het algemeen uit elk feit waaruit met zekerheid kan afgeleid dat een partij de nietigheid wou bevestigen of eraan verzaakte.

Voorwaarden waaraan de bevestiging dient te voldoen om als gedekte nietigheid te worden aanzien:

- geldige wilsuiting vrij van wilsgebreken

- de bevestiging dient te gebeuren met volledige kennis van zaken. Hij die bevestigt dient derhalve op de hoogte zijn van het gebrek en moet de bedoeling hebben dit gebrek te dekken (Cass. 06/12/1956, Arr. Cass. 1957, 240; Cass. 21/09/1995, R.W. 1996-97, 10 en A.C. 1995, 808)
- De wil om te bevestigen moet zeker zijn zonder dat er enige twijfel over bestaat.
De bevestiging heeft enkel gevolgen ten aanzien van de persoon die bevestigt zelf. (art. 1338, derde lid BW).


Sanctie van een nietige (absoluut of relatief) rechtshandeling.

Quod nullum est nullum producit effectum

Een nietige overeenkomst wordt ex tunc ontbonden waarbij de 2 partijen aan mekaar dienen terug te geven wat zij ingevolge de overeenkomst hebben gekregen. «ex tunc» betekent dat de nietigheid niet enkel ingrijpt voor de toekomst, maar ook in het verleden.

Indien de teruggave in natura niet mogelijk is geschiedt zij in equivalent (ten belope van de waarde). Indien door de teruggave geen volledige schadevergoeding bekomen werd kan een aanvullende schadevergoeding worden bekomen.

Anders dan de bevestiging heeft de nietigheid wel uitwerking ten aanzien van derden.

Uitzondering op het strikte principe tot volledige wederzijdse teruggave ingevolge nietigheid:

- art. 549.B.W. geen verplichting tot teruggave van de vruchten voor de contractant ter goeder trouw
- art. 1681 B.W. bij benadeling.
- art. 1312 B.W. teruugaveplicht ten belope van verrijking ten aanzien van onbekwamen;
- matiging van de teruggave plicht door de rechter;
- wettelijke bepaling die de uitwerking van een nietige bepaling in een overeenkomst beperkt tot de desbetreffende nietige bepaling;
- contractuele bepaling die het lot van de overeenkomst regelt bij een nietige bepaling;
- indien de determinerende bedoeling van de partijen bij de contractsluiting niet de nietige bepaling betreft dan is enkel de nietige bepaling nietig en blijft de rest van het contract overeind. Maar indien de nietige bepaling de essentie van het contract uitmaakt en dus determinerend was om het contract in te roepen dan geldt de volledige restitutieplicht.

Dwingend recht en aanvullend recht

Dwingend recht is geen synoniem van absolute nietigheid en aanvullend recht geen synoniem van relatieve nietigheid. Deze begrippen staan volledig los van mekaar.

Bepalingen van dwingend recht leiden daarom niet steeds tot een absolute nietigheid maar kunnen gesanctioneerd worden door een relatieve nietigheid.

 

Nietigheid en verzet

Art. 864, eerste lid, Ger. W. bepaalt dat de nietigheden die tegen de proceshandelingen kunnen worden ingeroepen, gedekt zijn indien zij niet tegelijk en voor enig ander middel worden voorgedragen.

Uit deze bepalingen volgt dat de nietigheid die niet wordt ingeroepen in de akte van verzet, gedekt is en derhalve niet voor het eerst kan worden voorgedragen in een latere conclusie. (Hof van Cassatie 1e Kamer – 1 juni 2007 RW 2008-2009, 1599.




 

Nog dit: 

Welke rechtsregels behoren tot de openbare orde?

Het Hof van Cassatie heeft in vast rechtspraak een definitie vastgelegd, stellende dat in het privaatrecht een regel van openbare orde is wanneer die regel de juridische grondslag vastlegt van de ethische, politieke, economische, sociale, …maatschappelijke orde. (zie cassatie 09.12.1948, R.C.J.B., 1954, 251 met noot en cassatie 22.12.1949, Pas, 1950, I, 266 en cassatie 15.03.1968, Pas, 1968,I, 884).

Een dergelijke definitie schept meer onduidelijkheid dan duidelijkheid.

Bijna voor elke rechtsregel dient ondermeer aan de hand van de voorbereidende werken dan wel op basis van andere bronnen na te zien welk doel de wetgever precies nastreeft.

En kunnen we niet terecht stellen dat elke wetgeving in zekere zin de regeling van de maatschappelijke ordening beoogt zodat men op basis hiervan bijna elke rechtsregel als van openbare orde zou kunnen beschouwen. Deze conclusie is echter verkeerd, nu de rechtspraak en de rechtsleer algemeen aanvaardt dat naast de regels die de absolute openbare orde raken er ook regels zijn die de loutere private orde regelen, met name het particulier belang van bepaalde te beschermen personen in onze maatschappij waarbij deze rechtsregels die het particulier belang raken een relatieve nietigheid zouden kunnen opleveren bij schending en de overige regels die de openbare orde raken de absolute nietigheid.

Gerelateerd
0
Aangemaakt op: wo, 15/07/2009 - 14:13
Laatst aangepast op: wo, 25/04/2012 - 22:05

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.